Klik hier voor NederlandsClick here for EnglishCette page en Français
@import((rwml-menu))

Begijnenhofkerk

In volle Corona krijgen de vluchtelingen onderdak in de Begijnhofkerk, house of compassion in Brussel.
Naast de beeldjes die door de zijbeuk wandelen zijn er de portretten op jeans en
de keramieken duiven.
Op landkaarten van een oude atlas zijn er nieuwe portretten getekend, je kan hun weg nog duidelijk zien.
In een glazen kolf liggen ze allemaal op een hoop, de vluchtelingen. Bovenaan brandt de kaars van de Heilige Christoffel.

Er is terug een tent, vroeger hebben in de kerk heel wat vluchtelingen gekampeerd.

De vrouwelijke drievuldigheid met de moeder, de dochter en de geesten zijn speciaal voor de begijnenkerk geconcipieerd.

Nieuw: bij heel veel werken heeft Monika Triest pakkende teksten geschreven.

My Image

De moeder

De zevende dag
is haar rustdag.
Ze kijkt trots
naar haar schepping,
het universum,
en zag dat het goed was.

De dochter
Kijkt haar moeder aan,
verwonderd
over het nieuwe leven in haar.
Ze vraagt zich af
of het ooit wel goed komt.

De geesten

Een drie-eenheid: begijn, moslima, verbonden door de geest, de hemelse geest. Ze zijn onbekenden voor mekaar, overbruggen eeuwen samen. De sluier en de geest verbinden hen, geeft hen zin in het leven. Ze maken keuzes in hun leven of hebben soms helemaal geen keuze. Verbergen ze zich achter hun sluier of koesteren die om zich te beschermen tegen het kwaad in de wereld en om de geest toe te laten en soms niet? Bepalen ze met hun sluier de grenzen van hun bestaan? Kijken ze met een halve glimlach naar de wereld, met boosheid, verdriet, of ironie? Als vrouw hebben ze niet zoveel tijd om zich te verwonderen of te bewonderen of bewonderd te worden. Ze moeten zorgen voor dat brood op tafel en water, de bron van het leven, het leven dat ze ons geven, al eeuwenlang.

My Image

Mijn tent

Deze ochtend
werd ik wakker in een tent,
wist niet waar ik was,
zag dat ik mijn schoenen nog aanhad,
de rest herinner ik me niet meer.
Iemand zei ‘dit is nu jouw tent,
maar niet voor lang,
want er hangt een bordje
‘for sale’.
Is mijn tent dan te koop,
of ben ik te koop?
Aan wie kan ik het vragen?
En hoe geraak ik aan eten,
blijkbaar is alles me afgepakt
terwijl ik sliep of murw geslagen.
Ik loer naar buiten
en zie rond mij meerdere tenten,
ingezakt, uitgezakt, doorgezakt.
Waren dit mijn buren,
of kennen ze dat woord hier niet?

My Image

Ballerina

De zon schijnt,
ik wil zingen,
dansen en springen,
vrij zijn,
de zon op mijn huid,
onder mijn huid,
mijn ogen schitteren
in alle mogelijke kleuren
die dansen
zoals ik,
kom en dans
met mij,
ik word danseres,
ballerina,
je zult het zien.

My Image

De Arend

Ken je mij nog niet?
ik heb nu zelfs een naam,
ik ben groot nu,
mijn ogen zijn wijd opengesperd,
wil nu de wereld veroveren,
grenzen overschrijden
met wijde stappen,
en geen omkeer maken,
niets of niemand zoeken,
de arend achterna.

My Image

Na de vlucht

Nadat 
de vluchtelingen op houten sokkeltjes zijn gezet, worden ze in mijn atelier geadopteerd en vinden een plaats bij andere mensen.

Sequel refugees

After the refugees have been mounted on little wooden pedestals, they are adopted out of the workshop and find a place with other people.

My Image

In verdere ontwikkeling vinden ze een plaats in Europa, ze krijgen een huis.
Het huis is vaak klein maar binnenin maken ze er een paradijsje van.


As time passes they find a place in Europe, they get a home.
The house is often small but inside they turn it into their own little paradise.

My Image

Ze krijgen handen en aangepaste kledij met stof (van paraplu’s) die hun functie benadrukken.
Moeder, vader, poetsvrouw, dokter, misdadiger, fabrieksarbeider, kok,...


They get hands and appropriate clothing with fabric (from discarded umbrella’s) that emphasizes their role.
Mother, father, cleaning woman, doctor, criminal, factory worker, cook, ….

My Image
My Image

Om geïntegreerd te geraken volgen de nieuwkomers Nederlandse les, werken ze begeleid in sociale restaurants.
In Buurthuis De Buurt en in de restaurant Kiebooms maakt Els portretten in haar schetsboekje. In het atelier worden de portretten geschilderd op stof van oude jeansbroeken. Bluejeans worden door iedereen gedragen, over heel de wereld.

To get integrated the newcomers follow Dutch classes, they are coached as they are working in social restaurants.
In community centre De Buurt (The Neighbourhood) and in restaurant Kiebooms Els draws portraits in her sketchbook.

In the workshop the portraits are painted on fabric from old jeans. Bluejeans are worn by just
everyone all over the world.